De droogte

De droogte


Fazio heeft een moeilijke scheiding achter de rug. Hij is zijn werk kwijt, en heeft een geldgebrek. Hij kan zijn psychiater niet meer betalen. Hij is stevig aan de drank. Hij besluit om een tijdlang bij zijn moeder in te gaan wonen, een verbitterde vrouw die nooit meer de oude werd nadat haar man, Fazio's vader, op een tragische manier stierf.

Fazio is van plan om op zoek te gaan naar en nieuwe baan, of naar een andere manier om aan geld te komen. Hij is op zoek naar nog veel meer, maar op den duur weet hij niet meer naar wat precies. Tijdens talloze tochten door zijn eigen stad, die hij niet genoeg kent om hem te doorgronden, spreekt hij wildvreemden aan, verplaatst hij zich van hot naar her, en krijgt hij de kans om snel geld te verdienen.

Maar kansen zijn er om gemist te worden. Zo zit het leven van Fazio in elkaar. Toch versaagt hij niet. Ooit komt de dag dat zelfs hij die niet voor het geluk geboren is het toch in het vizier zal krijgen.

Fazio is de hoofdfiguur in een roman over de gaten in het bestaan en over de mogelijkheden om die te vullen. Tevens is De Droogte een studie over menselijk contact, het gebruik en misbruik van taal en gebaren, de kleine kanten van het leven, de verschrikking en de wapens ertegen.

Herman Brusselmans heeft met De Droogte alweer een opvallend, meesterlijk boek geschreven. Door de jaren heen is hij uitgegroeid tot de merkwaardigste schrijver in het Nederlandse taalgebied.

De Terugkeer van Bonanza

Bestel nu de nieuwste pocket-editie voor 7.35 bij Azur.

 
Uitgeverij: Prometheus
Verschenen: februari 2008
Uitvoering: paperback
Formaat: .. x .. cm.
Omvang: 330 blz.
Adviesprijs: 7.95
EAN: 9789044611830


Herman Brusselmans - sleutelkoord - was gratis verkrijgbaar bij de voorstelling van het boek De Droogte

Algemeen Dagblad over De Droogte

Hij is een van de lelijkste schrijvers van Belgi, maar in zijn boeken is hij altijd mooi. Herman Brusselmans. Duizenden bladzijden schreef hij over alle mooie en lelijke vrouwen die allerlei mooie en lelijke dingen met hem willen doen. Zo niet in De droogte, zijn nieuwe roman. Mooie Herman is vervangen door mooie Fazio, zo mogelijk nog knapper dan Herman. Ook Fazio wordt dag in dag uit lastiggevallen door vrouwen. Soms vindt hij het leuk. Soms niet. Dan neemt hij een pils. Raakt de pils op, dan rijdt hij naar zijn moeder en geeft haar een paar peren op haar muil. Raakt hij vermoeid, dan gaat hij naar bed en droomt van een rijk leven als autoverkoper.

Als geen ander beschrijft Brusselmans de lelijkheid van de mens. Veel dames, veel drank, veel dromen die nooit uitkomen. De Vlaamse veelschrijver ontziet niemand, ook zichzelf niet: 'Nadat ik nogmaals op de bel had gedrukt dacht ik ineens bij mezelf: ja, als ik nu eens een boek schreef! Doch ik verwierp de gedachte meteen als was ze een vaatdoek vol mieren. Ik een boek schrijven? Ik zag me al bezig. Boeken schrijven is voor wijven, voor mietjes, Hugo Claus en mensen die niks beters te doen hebben dan zichzelf publiekelijk te kakken zetten. Echte mannen schrijven geen boeken, echte mannen verkopen Mazda's.'

Ons land stuurt zijn zonen en dochters onverdroten de wijde wereld in. Soms worden ze in den vreemde overladen met lof, soms zijn pek en veren hun deel. In 's Lands Glorie brengen we verslag uit van hun artistieke wedervaren.

Bron: Algemeen Dagblad: 12 september 2003

Vrij Nederland over De Droogte

Eigenlijk is de dertiger Fazio, gemotoriseerd of niet, het hele verhaal door op wandel en daarbij komt hij voortdurend hele of halve idioten tegen. De vraag is of dat uitgesmeerd over driehonderddertig pagina's niet wat veel van hetzelfde is. Het antwoord is: ja, maar dat is niet erg. Want De droogte verveelt geen moment. De sensatie bij het lezen van Brusselmans is dat we alles te horen krijgen, maar tegelijkertijd ogenschijnlijk ook niets. (...) Waarom De droogte lezen geen opgave is: door de humor, die schuilt in de landerige feuilletoneske cliffhangers, of bizarre opmerkingen. Dan nog de tentoongespreide extremiteit, Brusselmans' alter ego is tegen iedereen, inclusief zichzelf. Verder frappeert het totale gebrek aan fijnzinnigheid. Dan nog de onweerstaanbare dialogen. Maar Brusselmans' grootste verteltechnische troef in dit lineaire verhaal is zijn gebruik van running gags. In de loop van het verhaal activeert hij er steeds meer, die tezamen de eventuele ernst stevig ondermijnen. (...) Blijft de vraag of we Brusselmans serieus moeten nemen als hij zegt dat hij nooit wat te vertellen heeft. Bij zijn tot op het bot oneerbiedige proza past immers ook oneerbiedigheid ten opzichte van schrijverspretentie - vandaar het getreiter van de icoon Claus. De titel De droogte wijst erop dat hij wl wat wil uitdrukken. De betekenis van de titel blijkt pas in de laatste zin, als de dakloze Fazio zich met zijn hond en een grote doos in een bos terugtrekt: "Het enige wat ik hoopte was dat het eeuwig droog zou blijven." Die zin beklemtoont de hoop tegen beter weten in van deze "lulhannes", een gevoel waarvan de voorgaande honderd pagina's ook al een illustratie waren. (...) Somberte troef dus, uiteindelijk, maar Brusselmans heeft er daarvoor alles aan gedaan om er de moed in te houden. Als dat geen prestatie is.
Bron: Vrij Nederland: 30 augustus 2003

Het Parool over De Droogte

Het succes van zijn vorige boeken wordt al enkele jaren niet meer genoemd. Dat wil zeggen: niet op de achterflap, wat bij uitstek de plaats is waar schrijvers en uitgevers graag laten zien hoe het de auteur en zijn werk in de loop der jaren is vergaan. Je kunt er de mening van critici lezen, of hoe vaak de schrijver genomineerd werd voor een prijs, of hoe het schrijverschap zich ontwikkelde.

Op de achterflappen van Herman Brusselmans' boeken is het al jaren stil. De enige die daar nog ronkt, is de auteur zelf, met koddige, maar vooral dubbelzinnige aanbevelingen. Een lijst met uitgebrachte titels ontbreekt tegenwoordig. Alsof de schrijver zich schaamt voor de enorme omvang van zijn oeuvre. Alsof hij wil zeggen: ik kan er ook niets aan doen dat ik almaar schrijf.

Om eerlijk te zijn: het schrijven van Brusselmans heeft inderdaad iets pathologisch gekregen. Want al lang gaat het niet meer om de literatuur, of het verhaal, of een of ander hooggestemd ideaal. De boeken van Brusselmans, zeker de laatste paar, zijn uitsluitend nog stijlproducten. De inhoud doet er helemaal niets toe. Zijn personages zijn karikaturen, de ontwikkeling in het verhaal is altijd dezelfde: er is een gegeven situatie, van daaruit ontstaat chaos en vervolgens, na een bizarre ontknoping, komt alles goed. En de hoofdpersoon, de verteller, is altijd iemand zoals Herman Brusselmans. Iemand met dezelfde neuroses, dezelfde rookverslaving, dezelfde vermoeidheid en dezelfde angsten.

Op de flaptekst van Mank, één van Brusselmans' vorige boeken schrijft hij: '(over de auteur zijn) weinig exacte gegevens bekend. De meeste daarvan vinden we terug in zijn oeuvre dat - Mank preventief meegerekend - bestaat uit vele beroemde boeken.'' Hoe koddig het ook weer genoteerd staat, zo zal het wel zijn. Brusselmans leeft alleen in zijn boeken. En als het slecht met hem gaat (het AD vertrouwde hij toe altijd ziek, zwak en misselijk te zijn, ook in mentale zin), blijft hij binnen. Blijft hij binnen, dan beleeft hij niets en schrijft hij een boek over niets.

Zo gaat De droogte, de roman waar het in dit stuk over zou moeten gaan, over een figuur, Fazio, die niets meer heeft. Geen vrouw, geen baan, geen huis. Het boek speelt zich af in twee, drie dagen en in die dagen gebeurt te veel voor een mensenleven: Fazio scheidt van zijn vrouw, verliest zijn werk en zijn huis, raakt per ongeluk betrokken bij een bankoverval, steelt of leent allerlei voertuigen, heeft meerdere keren per dag seks met verschillende partners, ziet mensen overlijden, een ziekenhuis afbranden en drinkt meer dan goed is. Fazio eindigt in een kartonnen doos in het bos.

Het is allemaal snel en geestig opgeschreven, zoals Brusselmans de dingen al jaren geestig en snel weet op te schrijven, maar de bezieling is minimaal. De inhoudelijke armoede van dit boek loopt parallel aan Fazio's letterlijke armoede.

Toch moet de wens niets zinnigs te zeggen een bewuste keuze zijn van Brusselmans. Op ongeveer driekwart van het boek, en na vele bizarre gebeurtenissen en evenzoveel onzinnige dialogen, staat er: 'Ik wil vooral geen liefde, want die is vervelend en afgezaagd. Ik ga over m'n nek van alle liefde die in de wereld bestaat. Ik wil nooit meer een normaal woord uitbrengen en als ik het toch uitbreng, wil ik dat het tussen abnormale woorden staat en daardoor z'n inhoud en z'n vorm verliest. Desintegratie moet een geordende plaats in m'n leven krijgen. Ik wil hele bladzijden overslaan. Ik wil bijten als een wolf. Ik wil roken zonder kanker te krijgen. Ik wil walgelijk oud worden, maar ik wil niks meemaken wat mij verontrust.'

Hier was Herman Brusselmans. Dit is wat in hem broeit. Dat kan niet anders. Zijn hele roman, al die onzin, al dat streven naar nóg grotere nietszeggendheid zijn als bewijs aan te voeren. Roken zonder kanker te krijgen, oud worden zonder iets mee te maken: de hypochonder in Brusselmans heeft ook in De droogte de overhand. Van de hypochonder moet alles kapot, voordat het kapot gaat. Want in een wereld waarin alles kapot is en alles zonder betekenis, heb je niets meer te verliezen. Dan is er eindelijk rust.

Bron: Het Parool: 12 september 2003

recensie door Philip Hoorne


Fazio heeft een moeilijke scheiding achter de rug. Hij is zijn werk kwijt, heeft geldgebrek en besluit een tijdlang bij zijn moeder in te trekken. Fazio is een loser, maar dan wel een met meer brains dan zijn modale soortgenoot. Meer nog dan geld en werk zoekt hij iets groots en onbestemds waarvan hij zelf geen flauw idee heeft wat het zou kunnen zijn. Fazio is een exponent van de zoekende mens aan het begin van de éénentwintigste eeuw. In het boek wordt dit zoeken gesymboliseerd in de grootste moeite die Fazio telkens weer ondervindt als hij zich van één punt in de stad naar een ander wil begeven. De hoofdfiguur kan zich niet oriënteren in zijn stad, laat staan in zijn leven.

Deze roman bulkt van de (taal)grapjes die nogal vaak het gevolg zijn van een spraakverwarring. De mening van een oogarts over het gehoorvermogen van Fazio's moeder wordt door onze (anti-)held onmiddellijk in een kritisch daglicht gesteld, en Cirrose blijkt naast een leveraandoening ook de naam van een café te zijn. En ergens wordt gesteld dat het feminisme allicht werd uitgevonden door een man - noem hem Fons - in opdracht van zijn vrouw. Net zoals in De kus in de nacht richt de schrijver zich af en toe tot de lezer. 'Dan volgt nu de scène in de Toyota-showroom', waarna Brusselmans prompt besluit om Fazio in zijn Lupo te laten stappen, en de showroomscène nog even uit te stellen.

Ronduit hilarisch is de ontmoeting van Fazio met zijn oude klasgenoot Bernard Fruyt. Zoals vroeger op school gebruikelijk was, spreekt Fazio de man in bijna elke zin aan met de naam van een stuk fruit (maar ook met droplul, wortel en bloemkool). Iemand die Fruyt heet op die manier aanspreken, het is niet ondenkbaar dat er ergens een middelbare school bestaat waar dit echt gebeurt. De wereld van Fazio lijkt grotesk en overdreven, maar de overdrijving is gering. Realiteit is dikwijls net dat ietsje meer over the top dan fictie. Fazio is veel echter dan Guggenheimer of Pitface. Ga de straat op en je struikelt bij wijze van spreken over de Fazio's. Het enige wat me enigszins stoort in de meest recente romans van Herman Bruselmans zijn de losse handjes van de personages. Een rechter die motten uitdeelt in zijn rechtzaal komt nogal ongeloofwaardig over, maar hé, misschien hoor ik straks in het laatavondjournaal dat het in één of ander apenland echt gebeurd is, en waarom zou dat apenland het onze niet kunnen zijn?

Voor verhalen waar je mond van open valt, ben je bij Brusselmans aan het verkeerde adres, en toch is De Droogte weer zo'n prachtboek dat ik in één ruk (nou ja, zo min mogelijk rukjes) heb uitgelezen. Een Brusselmans lees je niet voor het verhaal, een Brusselmans lees je voor al die dingen die bij grote verhalenschrijvers wel eens durven ontbreken: de onnavolgbare schrijfstijl, de geschifte humor en de treffende beschouwingen over mensen en hun levens zoals bijvoorbeeld...
'...de miljoenen verschrikkelijke Vlaamse huisgezinnen, waar afkeer, achterlijkheid en hulpeloosheid de troeven zijn. De tv is aan, het bier staat op tafel, de onderhuidse spanning heerst vierentwintig uur per dag. Overtuigingen bestaan niet, behalve de overtuiging dat jullie soort het heft in handen heeft. Andere werelden zijn onbereikbaar, dus slecht en corrupt. Nu zijn ze dat ook wel, maar die van jullie is ook nog 'ns onbeschrijflijk vervelend ... Jullie zouden witheet worden mocht iemand over jullie spreken en het woord klootjesvolk in de mond nemen. Maar wat zijn jullie anders? Jullie zijn klootjesvolk. De platte basis van een maatschappij. Jullie hebben geen enkele politiek inzicht en toch kiezen jullie per definitie voor de verkeerde figuren, door wie jullie vervolgens gekoeioneerd worden zodat jullie alwéér een boel te klagen hebben. Ik weet waarover ik het heb. Ik kom zelf uit het klootjesvolk. Uit mijn ouders is nooit een verstandig woord gekomen. Ik wil niet met hen geïdentificeerd worden en toch kan ik niet anders. Ik heb hun genen in m'n lijf,' debiteert Fazio.
Voor een rake visie op onze samenleving moet een mens zich niet noodzakelijk wenden tot een socio- of politicoloog met wollige praatjes. Herman Brusselmans stelt de dingen helder en onomwonden en ik kan niet anders dan volmondig beamen, dat hij nogal eens gelijk heeft.

De Droogte is een zeer genietbaar boek. Louis Tinner, het hoofdpersonage uit De man die werk vond daagde dertien jaar later nog eens op in Nog drie keer slapen en ik word wakker. Op de laatste bladzij van De Droogte kan het met Fazio's toekomst alle kanten uit. Het zou me dan ook niet verbazen dat we hem vroeg of laat nog eens terugzien.

Stuur de auteur een bericht >

Bron : Meander - Recencies

This page was created by Erik 'PalmBoy' RAEYMAEKERS

created on 11-06-2003 - last updated on 03-03-2008